Bij een eenmanszaak met €50.000 winst betaal je ongeveer €9.000 aan inkomstenbelasting en Zvw-bijdrage. Bij een bv die alles uitkeert ligt dat rond de €19.000.
"Zet een derde opzij" is het advies dat je overal leest. Dat klopt soms en zit er soms flink naast. Bij een eenmanszaak met €30.000 winst is een derde ruim te veel; bij €100.000 winst is het net te weinig. En bij een bv werkt het rekensommetje totaal anders, omdat je twee keer belasting betaalt over dezelfde euro.
In dit artikel zie je per winstniveau hoeveel je ongeveer kwijt bent, waarom de laatste €1.000 winst duurder is dan de eerste, en hoe je het bedrag maandelijks wegzet zonder dat het per ongeluk weer opgaat.
- Waarom winst en belastbaar inkomen niet hetzelfde zijn
- Richtpercentages per winstniveau voor een eenmanszaak
- Het verschil tussen je gemiddelde en je marginale belastingdruk
- Hoe de rekensom eruitziet bij een bv met vpb en box 2
- Hoe je de reservering praktisch organiseert
Het korte antwoord
Voor een eenmanszaak zonder ander inkomen is 25 tot 30 procent van je winst een veilige reservering zolang je winst onder de €60.000 blijft. Zit je daarboven, ga dan richting 35 tot 40 procent. Heb je daarnaast loon uit dienstbetrekking of een partner met inkomen, dan kan het hoger uitvallen, omdat je winst bovenop dat inkomen komt.
Voor een bv is het antwoord anders: reserveer eerst zo'n 19 procent voor de vennootschapsbelasting over de winst van de bv. Keer je die winst daarna als dividend aan jezelf uit, dan komt daar nog ongeveer een kwart overheen. Samen kom je dan rond de 39 procent uit.
Beide antwoorden zijn vuistregels. Hieronder zie je waar ze vandaan komen, zodat je ze kunt aanpassen aan jouw situatie.
Je betaalt geen belasting over je winst
Dat klinkt gek, maar het is de kern. Bij een eenmanszaak gaan er eerst een paar aftrekposten van je winst af voordat de Belastingdienst gaat rekenen. Dat scheelt zo veel dat een vuistregel op basis van je kale winst altijd te hoog uitvalt.
De belangrijkste zijn de zelfstandigenaftrek (als je aan het urencriterium voldoet), de startersaftrek in je eerste jaren, en de mkb-winstvrijstelling, een percentage van de winst die overblijft. Pas over wat daarna resteert betaal je belasting.
Let op: de zelfstandigenaftrek is de afgelopen jaren stap voor stap afgebouwd en verdwijnt grotendeels. Reken dus niet met een bedrag dat je jaren geleden hebt onthouden, en houd er rekening mee dat je reservering de komende jaren omhoog moet.
- Winst uit onderneming
- min zelfstandigenaftrek en eventueel startersaftrek
- min mkb-winstvrijstelling over het restant
- = belastbare winst waarover je inkomstenbelasting betaalt
Richtgetallen per winstniveau (eenmanszaak)
Hieronder staat wat een eenmanszaak zonder andere inkomsten ongeveer kwijt is aan inkomstenbelasting plus Zvw-bijdrage, na aftrekposten en na heffingskortingen. Het zijn afgeronde richtgetallen: je persoonlijke situatie (partner, toeslagen, hypotheekrente, ander inkomen) kan het beeld verschuiven.
Wat opvalt: het percentage loopt hard op. Dat komt niet alleen door de belastingschijven, maar vooral doordat de algemene heffingskorting en de arbeidskorting worden afgebouwd naarmate je meer verdient.
- €30.000 winst: grofweg 8 tot 12 procent, dus zo'n €80 tot €120 per €1.000
- €50.000 winst: grofweg 18 tot 21 procent, dus zo'n €180 tot €210 per €1.000
- €75.000 winst: grofweg 27 tot 30 procent, dus zo'n €270 tot €300 per €1.000
- €100.000 winst: grofweg 32 tot 35 procent, dus zo'n €320 tot €350 per €1.000
Heb je naast je onderneming loon uit dienstbetrekking, bijvoorbeeld omdat je parttime in loondienst bent, dan komt je winst bovenop dat salaris. Je bent dan over die winst het hoge tarief van je hoogste schijf kwijt, ook al is de winst zelf klein. Reserveer in dat geval eerder 40 procent dan 20.
Waarom de volgende €1.000 duurder is dan de vorige
Bovenstaande percentages zijn gemiddelden over je hele winst. Voor de vraag "wat houd ik over aan deze ene opdracht" heb je iets anders nodig: je marginale druk, oftewel wat je betaalt over de laatste euro's winst.
Een voorbeeld. Draai je €50.000 winst en komt daar een klus van €1.000 bij, dan is de mkb-winstvrijstelling over dat bedrag je enige verzachting. Daarna betaal je over het restant inkomstenbelasting, Zvw-bijdrage én verlies je een stukje heffingskorting. In de praktijk ben je van die €1.000 al snel €400 tot €450 kwijt, terwijl je gemiddelde druk rond de 20 procent ligt.
Dat verschil verklaart waarom ondernemers zich verrekenen. Je rekent met je gemiddelde, maar groeit je winst, dan wordt die groei tegen het hoge tarief belast. Groei je hard, verhoog dan je reserveringspercentage mee in plaats van jaarlijks terug te kijken.
Vergeet de Zvw-bijdrage niet
Naast inkomstenbelasting betaal je als ondernemer een inkomensafhankelijke bijdrage voor de Zorgverzekeringswet. Dat is een apart percentage over je winst, tot een maximumbedrag dat jaarlijks wordt vastgesteld. Deze bijdrage staat los van de premie die je maandelijks aan je zorgverzekeraar betaalt.
Je krijgt hiervoor een eigen aanslag, vaak in dezelfde periode als de aanslag inkomstenbelasting. Veel starters hebben alleen voor de inkomstenbelasting gespaard en worden dan alsnog verrast door een paar duizend euro extra.
In de richtgetallen hierboven zit de Zvw-bijdrage er al in. Reken je zelf met alleen de belastingschijven, tel er dan een paar procentpunt bij op.
Bij een bv betaal je twee keer over dezelfde euro
Een bv is een aparte rechtspersoon. De bv betaalt over haar winst vennootschapsbelasting: een laag tarief van 19 procent tot een winstgrens van €200.000 en daarboven het hoge tarief van 25,8 procent. Dat is de eerste laag.
Wat na vpb overblijft, is van de bv, niet van jou. Wil je dat geld privé hebben, dan keer je dividend uit en betaal je daarover belasting in box 2. Ook daar zijn twee tarieven: een lager tarief tot een jaarlijkse grens en een hoger tarief daarboven.
Reken mee met €1.000 winst in de bv. Daar gaat €190 vpb af, dus €810 blijft over. Keer je dat uit als dividend tegen het lage box 2-tarief, dan kost dat ongeveer €200. Je houdt dan zo'n €610 over, oftewel een gecombineerde druk van bijna 39 procent. Laat je het geld in de bv zitten, dan is 19 procent voorlopig genoeg.
- Alles uitkeren: reserveer ongeveer 38 tot 40 procent
- Winst in de bv laten: reserveer ongeveer 19 procent, de rest schuif je door
- Grote uitkering ineens: reken met het hoge box 2-tarief, richting 48 procent totaal
Het salaris van de dga staat hier los van
Als directeur-grootaandeelhouder moet je jezelf een gebruikelijk loon uitbetalen. Dat loon is een kostenpost voor de bv en verlaagt dus de winst waarover vennootschapsbelasting wordt berekend. Over dat loon betaal je gewoon loonheffing, net als een werknemer.
Belangrijk verschil met een eenmanszaak: loonheffing draag je maandelijks of per kwartaal af via de loonaangifte. Je kunt die belasting dus niet een jaar lang laten staan. Reserveren gaat bij een bv daarom over twee stromen: de loonheffing die er bijna direct uitgaat, en de vpb plus box 2 over de winst die overblijft.
Het minimumbedrag voor het gebruikelijk loon wordt jaarlijks vastgesteld. Draait je bv te weinig winst om dat loon te betalen, dan kun je in overleg met de Belastingdienst soms lager gaan zitten, maar dat moet je kunnen onderbouwen.
Btw is geen winst en hoort in een andere pot
De btw die je op je factuur zet, is nooit van jou geweest. Stuur je een factuur van €1.000 exclusief btw, dan komt er €1.210 binnen. Die €210 hoort bij de Belastingdienst, min de btw die je zelf op inkoop hebt betaald.
Het klassieke ongeluk: een goed kwartaal, een volle bankrekening, en dan komt de btw-aangifte. Zet btw en winstbelasting daarom apart weg, of in elk geval apart in je hoofd. Ze hebben ook verschillende ritmes: btw vrijwel altijd per kwartaal, inkomstenbelasting via een voorlopige aanslag of achteraf.
Val je onder de kleineondernemersregeling, dan bereken je geen btw en speelt dit niet. Je mag dan ook geen btw op inkopen terugvragen, wat vooral nadelig is als je veel investeert.
In Factivo zie je je winst tot nu toe en wat je aan btw hebt openstaan naast elkaar. Handig om elk kwartaal even te checken of je reservering nog klopt met hoe het jaar echt loopt.
Hoe je het praktisch wegzet
Een reservering die op je betaalrekening blijft staan, is geen reservering. Open een aparte spaarrekening die je alleen gebruikt voor belastingen en zet er niets anders op.
Het makkelijkst werkt het per binnengekomen betaling. Wordt een factuur van €1.210 inclusief btw betaald, dan boek je direct €210 btw plus je reserveringspercentage over de €1.000 naar die spaarrekening. Bij 25 procent is dat €250, dus je schuift €460 door en houdt €750 over als werkgeld.
Vraag daarnaast een voorlopige aanslag aan als je verwacht flink winst te maken. Je betaalt dan maandelijks een voorschot, wat de klap aan het eind van het jaar wegneemt. Blijkt je winst hoger uit te vallen, dan kun je die aanslag tussentijds laten aanpassen.
De valkuil van je eerste jaren
In je eerste jaar betaal je vaak nog niets. De aanslag over dat jaar komt pas ergens in het jaar erna, soms nog later. Dat voelt als meevallen, maar het is uitstel.
Het gevolg: in jaar twee betaal je de aanslag over jaar één én loopt er misschien al een voorlopige aanslag over jaar twee. Twee rekeningen in één jaar, terwijl je omzet niet is verdubbeld. Ondernemers die in jaar één niets hebben gereserveerd, komen daar vrijwel altijd in de knel.
Ook goed om te weten: wordt je aanslag pas laat opgelegd, dan kan de Belastingdienst belastingrente rekenen over de periode daartussen. Een voorlopige aanslag aanvragen voorkomt dat meestal.
Zit je in je eerste jaar en twijfel je over het percentage? Kies dan aan de hoge kant. Te veel gereserveerd is een meevaller die je in januari uitkeert aan jezelf. Te weinig is een betalingsregeling.
Dit artikel legt algemene regels uit en is geen persoonlijk fiscaal advies; tarieven en bedragen worden jaarlijks vastgesteld en kunnen afwijken van jouw situatie.
Je administratie op orde, zonder gedoe.
Onbeperkt facturen, bonnen en BTW-overzicht. Veertien dagen gratis proberen, geen creditcard nodig, maandelijks opzegbaar.